-
25 april 2026
Militarisering van het onderwijs
Herinneringen sluimeren en kunnen naar boven komen, geprikkeld worden door een veelal externe gebeurtenis.
Eerst een persoonlijke herinnering. In 1955 ging onze vijfde klas van een Haags lyceum op 'excursie' naar de Koninklijke Militaire Academie in Breda. Vol trots werd ons verteld dat daar al vanaf 1828 de officiersopleiding plaatsvond voor de verschillende onderdelen van de Nederlandse krijgsmacht. We mochten op een tank klimmen en in een jeep meerijden; een klasgenoot wiens vader majoor was, droeg een baret.
En dan de 'prikkel' die deze herinnering opriep: Weerstand tegen militarisering van het onderwijs, de sprekende kop op de voorpagina van het Onderwijsblad van de Algemene Onderwijsbond, april 2026. Midden in beeld: een geschminkte, jonge soldaat met een gecamoufleerde helm en een onschuldig gezicht - klaar voor de strijd.
Weerbaarheidstraining
Met name in de band tussen hoger onderwijs/universiteiten en defensie komt de militarisering tot uitdrukking. Zowel door opdrachten voor onderzoek als de opleiding van studenten tot reservist, de nationale weerbaarheidstraining van tien weken met als beloning vijftien studiepunten en 2.200 euro per maand. Daar is haast bij, in 2030 zal het huidige aantal van 8.000 reservisten naar 20.000 moeten. Naast kompas lezen en schieten, leren ze hun grenzen te verleggen door te werken aan hun fysieke en mentale weerbaarheid. Kosten: 30.000 euro per deelnemer, betaald door het ministerie van Defensie.
Inmiddels zijn zo'n twaalf hogescholen en achttien instellingen van middelbaar beroepsonderwijs aan het werk voor Defensie. Eén van de directeuren is enthousiast: gezien de dreigende geopolitieke verhoudingen helpen wij graag een handje aan de versterking van de weerbaarheid van de samenleving. Een collega: Defensie kan niet in z'n eentje voor onze veiligheid zorgen.
In de drie noordelijke provincies zijn ze met een verbouwing bezig in de Johan Willem Friso kazerne in Assen om daar de verschillende soorten beroepsonderwijs bij elkaar te brengen. Op weg naar een integratie van onderwijs en defensie.
Ook het coalitieakkoord van de regering Jetten benadrukt de versterking van de relatie tussen onderwijs en defensie (veiligheid genoemd). Onder meer met de verhoging van de belastingen - vrijheidsbelasting - en een versterking van de wapenindustrie. Voor Guido van Leemput, één van de initiatiefnemers van de Nieuwe Vredesbeweging, is dat akkoord aanleiding om in het "Vredesmagazine" (tweede kwartaal 2026) te spreken van een militaristische regering.
Normalisering
Opvallend, maar niet toevallig, is het dat de kop van het artikel in het Onderwijsblad de aanhef van de voorpagina uitbreidt met een snelle militarisering van het onderwijs. De dienstbaarheid aan de krijgsmacht wordt kennelijk als urgent beschouwd. Sommige directies van onderwijsinstellingen spreken dat ook uit, ze ergeren zich aan de traagheid waarin de nodige informatie beschikbaar is. Ze willen met spoed beginnen. Anderen melden dat de komst van 'uniformen' in het schoolgebouw soms gefronste wenkbrauwen oplevert, maar meer ook niet.
'Wij leiden in het hbo op voor de samenleving en daar verandert momenteel veel aan. De opleiding veiligheidskunde heeft daar een opdracht.'
Naast deze pragmatische kanttekeningen is er principiële kritiek die de in de kop aangekondigde 'weerstand' rechtvaardigt. Deze is bijvoorbeeld bij de Rijksuniversiteit in Groningen te horen. Een lid van de werkgroep die over de lokale arbeidsvoorwaarden onderhandelt, stelt:
'Wij worden wel geïnformeerd , maar de besluiten zijn al genomen. (...) De principiële vraag of je als universiteit mee moet werken aan het opleiden van reservisten is niet aan de orde geweest.'
Een collega is van mening dat de universiteit zich op een hellend vlak begeeft. Hun conclusie is: wanneer studenten reservist zijn, is dat een persoonlijke, vrije keuze. Punt uit. Wanneer dat uitmondt in vijftien studiepunten en een fors loon, is de universiteit met het ministerie van Defensie een relatie aangegaan die zonder meer ongewenst is. Een gesprek daarover is echter uitgebleven. Een reservistenopleiding in het onderwijsprogramma opnemen, overschrijdt volgens hen een principiële grens. Een debat daarover is bewust ontlopen. Dat is een heel effectieve manier om militarisering in het onderwijs te normaliseren.
Tot slot
Te betreuren is dat het Onderwijsblad een principiële mening, waarin de militarisering van het onderwijs wordt afgewezen, door enkele individuen laat verwoorden. En daarmee neemt de redactie en dus de Algemene Onderwijsbond, een zelfstandige organisatie bij de FNV, geen standpunt in. Het minste dat snel dient te gebeuren, is een debat naar een standpuntbepaling door de leden. Ook omdat we hier te maken hebben met een formeel onderdeel van het coalitieakkoord van de huidige regering. Een akkoord dat door de FNV verworpen is. Laten we Jetten op één punt volgen: Aan de slag!
Meer bijdragen van deze auteur
- Meer lezen van Hans Boot op Solidariteit, webzine voor een strijdbare vakbeweging
