Skip to main content
  • 21 juni 2008
    Linkse discussie

Kant en de verlichting

Hans Boot

Hij zag er inderdaad wat getekend uit, Jan Marijnissen. Al een tijdje. Maar bij de aankondiging van zijn aftreden als fractievoorzitter viel het extra op. Omdat zijn werk kennelijk ziekmakend is, noemde hij het "topsport". Een grappige vergelijking met een wereld waar democratie vreemd is, door een partijleider die de afgelopen jaren het centralisme niet leek te schuwen.

Als de Socialistische Partij inderdaad een centralistische organisatie is, dan kan de machtswisseling zowel een bevrijding als een onthoofding zijn. Wat minder dramatisch gezegd: duizend bloemen zullen bloeien of knakken. Of ligt het allemaal niet zo zwaar en gaat de partij 'gewoon door'.

Leidsel of tegenspraak

Donderdagmorgen, 18 juni 2008, vertelde veteraanlid Tiny Kox voor de radio dat Jan zelf beslist had lid van de fractie van de Tweede Kamer en partijvoorzitter te blijven. Hij had zijn sporen meer dan verdiend en daarmee het recht verworven dergelijke besluiten in zijn eentje te nemen. Dit beeld klopt met wat partij-insiders, al of niet kwaadsprekend, graag vertellen. Marijnissen wordt veel voorgelegd, ontgaat weinig, zijn eventuele 'nee' is gelijk een statuut. De strakke regie van de opvolging past daarin, evenals het hoge tempo.

In de wetenschap dat de arbeidersbeweging al zo'n anderhalve eeuw worstelt met de verhouding democratie/bureaucratie, gaat het hier om een positie die minstens patriarchaal te noemen is. Daaraan zijn verschillende betekenissen te geven die elk voor de nieuwe fractievoorzitter anders uitpakken.
1) De positie is aan zijn persoon en geschiedenis gebonden en kent een brede instemming. Een moeizame en onzekere fase van overgang en gewenning zal volgen; ook omdat het oog van de meester blijft priemen.
2) De structuur en traditie van de partij bevorderen een autoritaire leiding.Van de nieuwe autoriteit zal een bevestiging verwacht of geëist worden; daarbij kunnen gevestigde hiërarchieën hinderlijk gaan schuiven.
3) Het charisma van Marijnissen houdt interne spanningen in toom. Verdwijnt het leidsel, dan kan de volgzaamheid van de leden afnemen en juist de tegenspraak de partij van nieuwe impulsen voorzien.
Hoe de samenhang van deze drie ook is, ze zullen het Agnes Kant niet gemakkelijk maken.

Tomaat of kunstfruit

Marijnissen verbond het moment van zijn vertrek aan de stabiele stand van de partij. Na het moeizame jaar 2007 met een paar uit de hand gelopen conflicten, was de gewenste rust ingetreden. Hij voorzag een geoliede overgang. Dat kan.
Maar daarmee is de gecompliceerde situatie, waarin de partij zich bevindt, niet weggenomen. De regeringsdeelname leek even binnen bereik, welke prijs is een volgende mogelijkheid waard? Het ledental is sterk gegroeid, hoe intensief verloopt de integratie in het gedachtegoed en de praktijk van de SP? Het aantal te bezetten functies neemt toe, op welke manier worden carrièristen opgemerkt en geweerd? De vluchtigheid van de samenleving heeft inmiddels ook het electoraat in haar greep - zie de uitwisseling tussen SP en Verdonk - is de daling in de peiling een vingerwijzing? Niet allemaal nieuwe kwesties, maar Kant zal aan de tand gevoeld worden.
Tot slot de alles overheersende vraag: hoe snel beweegt de SP zich in sociaal-democratische richting. Ervaringen binnen de vakbonden en op gemeentelijk niveau sturen naar pragmatisme en haalbaarheid. De begripsvolle omgang met de leiding van de vakbeweging en lokale resultaatsdrang werken dat in de hand. Bovendien zijn de prestigieuze regeringsmacht ('wij kunnen het beter') en het wispelturige electoraat ('wij zijn jullie tolken') klassieke verleiders om de tomaat door kunstfruit te vervangen.

De komst van Agnes Kant is vooral het opstappen van Jan Marijnissen. De betekenis en gevolgen daarvan is aan de leden. Zijn ze hun hoofd kwijt, dan ziet het er somber uit. Staan ze op en gunnen ze de Partij van de Arbeid geen facelift, dan helpt Kant bij de verlichting.