• 13 februari 2009
    Imperialisme en Globalisering

Crisis en oplossingen

Willem Bos

 Maar, zo roepen de politici, economen en anderen die een paar maanden geleden nog volhielden dat er niets ernstigs aan de hand was: als we er met zijn allen de schouders onder zetten en allemaal ons offer brengen, dan komen we de crisis te boven. En - voegen ze daar manmoedig aan toe - dan zullen we er sterker uit te voorschijn komen, want een crisis is ook een uitdaging.

In werkelijkheid hebben we niet te maken met één crisis, maar met drie, of beter gezegd met het einde van drie cycli van geheel verschillend karakter en duur.
De eerste is de - in het kapitalisme normale - conjunctuurcyclus. De periode van opgang vanaf 2000 leidde, zoals te verwachten was, in 2008 tot een periode van neergang.

De tweede cyclus omspant een periode van zo’n dertig jaar. Een periode van globalisering, liberalisering, privatisering en expansieve groei van de financiële sector. De periode van het neoliberalisme dat zich ontwikkelde als reactie op de crises van de jaren zeventig en tachtig. De toen optredende stagnatie van de kapitalistische wereldeconomie werd opgevangen door een vlucht naar voren.

De derde en verreweg belangrijkste cyclus omvat de hele periode vanaf het begin van de industriële revolutie tot nu. In drie eeuwen werden de hele productie en consumptie gebaseerd op het gebruik van de fossiele brandstoffen: kolen, olie en gas.
Het industriële gebruik van kolen in Engeland aan het eind van de 18e eeuw bracht een halt toe aan de snelle ontbossing van de Britse eilanden, maar we weten nu dat het ook het begin was van een steeds grotere stroom broeikasgassen die door de opwarming van de aarde leidt tot een ecologische en humanitaire ramp van ongekende omvang.

Die ramp is nu al aan de gang en heeft al miljoenen slachtoffers geëist. Als de uitstoot van broeikasgassen niet heel snel vermindert, zullen er de komende jaren honderden miljoenen mensen het slachtoffer worden van overstromingen, droogte en andere gevolgen van de opwarming van de aarde.

Als de opwarming niet binnen een bepaalde kritische grens blijft, gaan allerlei gebieden op aarde die nu broeikasgassen vasthouden en binden (zoals de permafrost in Siberië, maar ook het tropisch oerwoud en allerlei natte gebieden) die gassen uitstoten en treedt er een niet te voorspellen en zeker niet te controleren zichzelf versterkende opwarming op.

Die eerste crisis, daar komt op een goed moment wel een eind aan. Als er veel ontslagen vallen, de lonen flink naar beneden gaan en er verder gekort wordt op de sociale uitkeringen dan verende winsten wel weer op en zal er ook wel weer geïnvesteerd worden. De somberaars van nu zullen dan roepen dat we de bodem bereikt hebben en dat het nu weer crescendo gaat. Al - zo zullen ze daar zonder twijfel aan toevoegen - moeten we de buikriem strak blijven houden om de bereikte resultaten niet teniet te doen.

Maar net als in de vorige crisisperiode vanaf 1974 zal er geen langere periode van economisch herstel zijn. Ook toen duurde het zo’n jaar of  tien voor we weer van een algemene opgang van de wereldeconomie konden spreken. En die opgang was zoals we weten zeer beperkt en gebaseerd op de fictie van de steeds maar stijgende rendementen in de financiële sector, de aandelenprijzen en de huizenmarkt en hij werd gedragen door een oceaan van krediet.

Het is niet uitgesloten dat over enige tijd weer een nieuwe bubbel ontstaat die voor een nieuwe periode van (beperkte) economische opleving kan zorgen. Maar een langdurige opleving van de kapitalistische economie - zoals in de periode van na de Tweede Wereldoorlog tot aan de jaren zeventig - is alleen mogelijk door een fundamentele verandering in de krachtsverhoudingen tussen de factoren arbeid en kapitaal.

Na de vorige grote crisis, die begon in 1929, werd die fundamentele verandering geleverd door het gecombineerde effect van crisis en wereldoorlog. Op de puinhopen van de oorlog werd met behulp van de oorlogseconomie en later de permanente bewapeningsrace een nieuwe periode van kapitalistische groei gerealiseerd.

Voor de derde crisis, die van de opwarming van de aarde, is naar mijn stellige mening geen oplossing binnen het kapitalisme mogelijk. Niet omdat een vorm van kapitalisme gebaseerd op verschillende vormen van zonne-energie op zich ondenkbaar is. Theoretisch is de kracht van de zon op aarde voldoende voor acht tot tien maal de huidige energieconsumptie. Maar om dat potentieel ook werkelijk te gebruiken is een enorme maatschappelijke investering nodig die de hele wijze van produceren en consumeren op zijn kop zet.

Het kapitalisme is – dat hebben we de afgelopen eeuwen gezien - tot veel in staat en weet zich voortdurend aan de veranderde omstandigheden aan te passen. Maar één kenmerk is constant. Het draait in het kapitalisme steeds om het maken van winst. In de concurrentiestrijd worden afzonderlijke kapitalen steeds gedwongen om op zoek te gaan naar mogelijkheden voor meer en meer winst. Als ze dat niet doen dan worden ze door de anderen opgegeten.

Het draait in de kapitalistische economie niet om de productie van goederen of diensten, maar om de winst die daar mee valt te maken. Het draait niet om duurzaamheid, maar om wegwerpartikelen die weer snel vervangen moeten worden, niet om het voorzien in wezenlijke behoeften van de mensen maar om het creëren van steeds weer andere en nieuwe behoeften. Zodra dat meer winst oplevert wordt arbeidskracht vervangen door machines.  

Het is moeilijk in te zien hoe een dergelijk systeem kan leiden naar de op zonne-energie en duurzaamheid gebaseerde economie die noodzakelijk is. Daarom is er geen enkele reden om mee te gaan met de pleidooien die er op gericht zijn om het kapitalisme versterkt uit de huidige crisis te laten komen.

Natuurlijk, ook de gedachte dat de crisis op zich een zegen is, omdat daarmee het gebruik van fossiele brandstoffen afneemt, is kortzichtig. De crisis is een ramp, vooral voor de economisch zwaksten op deze aarde, die ook de eerste slachtoffers van de klimaatcrisis zijn. De crisis is een uitdaging om de noodzaak van een werkelijk andere economie, een andere maatschappij naar voren te brengen.

Die andere economie zal er alleen maar komen door maatschappelijke strijd, heftige strijd tussen degenen die belang hebben bij het huidige systeem en degenen die er nu en in de toekomst de dupe van zijn. Die strijd begint met de strijd om de vraag wie op korte termijn opdraait voor de gevolgen van de crisis. De banken zijn met miljarden gered. Nu staan andere bedrijven in de rij om te vangen. Maar in plaats van het redden van particuliere bedrijven zou het moeten gaan om het redden van het milieu, de werkgelegenheid en de koopkracht van gewone mensen. Dat kan alleen door het terugdringen van de rol en de macht van kapitalistische bedrijven en het in gemeenschapshanden brengen van een groot deel van de economie.

Socialisme heette dat vroeger. Met de klimaatcrisis is daar een doorslaggevende reden bij  gekomen. Als de komende decennia de wereldeconomie niet omgevormd wordt van een alles verslindende winstmachine naar een systeem met duurzame vormen van productie en consumptie, gebaseerd op zonne-energie en gericht op de werkelijke menselijke behoeften, dan staat ons een ramp van ongekende omvang te wachten. Gelukkig is er een alternatief, maar makkelijk zal het niet worden.