zaterdag, 1 juni 1991

"Dit boekje werd geschreven zodat de brieven van Baris waarvan sommige droom en andere weer werkelijkheid, op hun bestemde plaats kunnen aankomen. Ook is dit boekje geschreven als kado voor Baris die nog steeds op de stenen plaats opgroeit, terwijl het jaar in het teken staat van de vrede, en ook als antwoord op zijn onbeantwoorde brieven. Om te zorgen dat kinderen vliegen met vliegers, mogen zij de vlieger niet neerschieten."

De sfeer in alle vrouwengevangenissen is vergelijkbaar, is terug te vinden in alle opgetekende ervaringen. De sfeer van het opgesloten zitten samen met een groep vrouwen die als ideale vrouw mislukt zijn, en de sfeer van het overgeleverd zijn aan de grillen van een gevangenisdirecteur en van de bewakers. Maar alle ervaringen hebben iets eigens, alle verhalen zijn anders.

In "Ze mogen niet op de vlieger schieten..." geeft de schrijfster haar eigen ervaringen weer in een Turkse gevangenis, de dagelijkse vernederingen en de dagelijkse strijdjes, maar ook het dagelijkse verraad. Deze gevangenis kent een tweedeling tussen de meiden, dat zijn de politieke gevangenen, en de vrouwen. Beide groepen hebben een aparte slaapzaal. De meiden proberen een collectief op te bouwen, samen te eten en alles te delen. De politieke strijd om te overleven, binnen en buiten is dan ook de leidende draad van het boek.

De hoofdpersoon is Baris, de zoon van een van de vrouwen, die in de gevangenis opgroeit zolang zijn moeder haar straf nog moet uitzitten. Baris vertelt wat hij om zich heen ziet in zijn brieven aan Inci, die net is vrijgelaten. Hij zoekt zijn weg in de wereld van de volwassenen waar hij weinig van begrijpt. Hij vraagt zich af waarom de directeur een boek op de binnenplaats in kleine snippertjes laat verscheuren om het vervolgens in een envelop te doen en in de kachel te laten verbranden. Waarom een van de meiden vastzit omdat ze veel gelezen heeft: "Boeken lezen is toch goed, Inci? Als ik vrij ben en ik lees heel veel boeken, kunnen ze me dan weer opsluiten, Inci? Dan lees ik nooit meer een boek..." Waarom zijn moeder af en toe tegenstrijdig en onverklaarbaar reageert:"Ik hou erg veel van mijn moeder, maar soms is het heel moeilijk voor mij om haar te begrijpen. Ik vertelde alles aan Nevin. Ze zei: 'Jouw moeder is erg neerslachtig; je moet begrip voor haar hebben.' Zijn het altijd de kinderen die begrip voor hun moeder moeten hebben, Inci?"

Baris voelt zich het prettigst bij de meiden, waar gezamenlijk wordt gegeten, thee gedronken en voorgelezen. Hij zou willen dat zijn moeder ook met de meiden mee at, maar zij "heeft nog niet geleerd te delen." Desondanks komen bij de meiden ook pesterijen en onenigheid voor, ze zijn niet altijd in staat onder de druk van de heersers en de minimale steun van de vrouwen zich als een collectief te verzetten. Ondanks dat bestaat er onder alle vrouwen een bepaalde saamhorigheid en een begin van stil verzet tegen de willekeur van de heersers. Hiervoor worden uiteindelijk de meiden gestraft en naar andere bajessen gestuurd.

Als kind zet Baris vraagtekens achter alles dat voor volwassenen vanzelfsprekend is. Uiteindelijk is hij de meest onderdrukte. Inci was een van de meiden en degene die hij het meest vertrouwde, maar zij is vrijgelaten zonder hem daarvan op de hoogte te stellen, hij is overgeleverd aan de willekeur van de volwassenen die zijn moeder naar een gevangenis kunnen sturen waar geen kinderen worden toegelaten. Het wederzijdse onbegrip tussen kinderen en volwassenen vormt hier een aanklacht tegen de situatie in de gevangenissen, tegen de Turkse regering maar ook tegen allen die hun wil aan anderen willen opleggen.