• 19 mei 2010
    Oorlog en ontwapening

Griezelen

Martin Broek

Niet eerder schrapte Defensie zo rigoreus het onderscheid tussen verschillende geweldsniveaus als in de vernieuwde ‘militaire doctrine voor het landoptreden’ die volgend week wordt verspreid onder officieren. Dat stelde de Volkskrant op dinsdag 18 mei.

De doctrine “maakt onveranderd deel uit van de fundamentele doelstelling van iedere staat om vitale belangen ­ met behoud van eigen waarden en normen ­ zeker te stellen,” zo stelt Luitenant-kolonel Konings (*) van de Nederlandse landmacht.

Het nieuwe aspect van de doctrine dat de Volkskrant constateert, vat Konings samen met ‘operaties zijn operaties’. De hele wereld is operatieterrein voor de Nederlandse krijgsmacht, “waarbij een aanval op het NAVO-grondgebied als minder waarschijnlijk wordt beschouwd.” Maar het gaat daarbij niet alleen om operaties elders in de wereld.

"Het onderscheid tussen gevechts-, vredes en nationale operaties vervalt," dat is nog net een stapje verder dan de Volkskrant eruit haalde. Het begrip ‘nationale operatie’ is niet helemaal duidelijk en komt op de site van Defensie niet voor. Ook in het onlangs verschenen ‘Eindrapport Verkenningen Houvast voor de krijgsmacht van de toekomst,’ zoek ik er tevergeefs naar.

Het doet me wel griezelen over het militair bestrijden van binnenlandse onlusten waaraan in de Verkenningen aandacht wordt besteed. Het toekomstscenario ‘Fragmentatie,’ uit de het houvast stelt: “Extra inspanningen zijn vereist voor de bewaking van de nationale grenzen, de bescherming van Nederlandse Antillen en Aruba en de beteugeling van binnenlandse onrust.” Dit is maar een van de doemzinnen uit dit deel van het rapport.

Ook de militaire doctrine voor het landoptreden kijkt niet blij de toekomst in: “Toekomst studies geven aan dat de wereld er niet stabieler op wordt en dat er zich meer conflictbronnen zullen aandienen, zoals toenemende schaarste aan grondstoffen, energie, drinkwater en voedsel.” Het zou vreemd zijn als militairen niet die veiligheidsrisico’s zouden benadrukken. Rottigheid is immers hun bestaansreden.

In het voorwoord roept de Commandant der Landstrijdkrachten politici, hulporganisaties en media op het 150 pagina’s tellende werk te lezen. Ze mogen hun borst overigens nat maken want er komen in 2010 nog een herziene Leidraad Commandovoering, een Handboekstaftechniek en een Leidraad Land Operaties.

NGO’s zouden zich misschien beter kunnen buigen over rapporten waarin gedacht wordt over betere verdeling van grondstoffen en rijkdom, over duurzaamheid en alternatieve energie en vooral mensen organiseren om dit voor elkaar te krijgen. Het leger is daarbij zelden een bondgenoot geweest.

Als de NGO-medewerkers daarnaast nog eens lekker willen griezelen moeten ze de sciencefiction uit de Verkenningen (p. 149-153) maar eens lezen. Maar dat heeft verder weinig met hun werk te maken.