• 01 september 1991
    Surveillancestaat

De Portier van Nederland dweilt. En de kraan staat open

Moniek Hüsken

Dat gevangenissen geen instituties zijn die bevorderen dat 'vreemdelingen zich staande houden in de maatschappij' werd ook door de Commissie Zeevalking geconstateerd. Hoe belabberd de omstandigheden zijn, bleek onder andere deze zomer toen in de Alkmaarse gevangenis 'Schutterswei' gedetineerden tegen hun situatie in opstand kwamen.

In de voormalige strafgevangenis 'Schutterswei' wachten uitgeprocedeerde asielzoekers en opgepakte illegalen op uitzetting uit Nederland. Deze mensen zitten niet vast op grond van een strafrechtelijke modaliteit maar op basis van een bestuurlijke maatregel. Zij hebben dus nooit een proces gehad.

Op 22 juli jongstleden brak er, rond negen uur 's avonds, een opstand uit. Een deel van de groep wilde staken tegen het onrecht dat hen aangedaan werd: opsluiting. 'We worden hier behandeld als slaven, we moeten werken voor een paar gulden per dag. Het eten is slecht, de bewakers zijn racistisch. Maar het belangrijkste is dat wij hier ten onrechte zitten. Wij zijn geen criminelen', schreeuwden zij tegen een verslaggeefster van Omroep Noord-Holland (1). Een aantal gevangenen wilde niet meedoen met de staking waarna er een vechtpartij uitbrak tussen beide groepen. Eën gedetineerde werd door bewakers naar een isoleercel gebracht waarop de overige gevangenen naar hun cellen weigerden terug te gaan. Het personeel riep de hulp in van de Mobiele Eenheid en na vijf uur van charges en vechtpartijen waren de gevangenen teruggedreven in hun cellen.

discriminatie

Tot voor kort zaten illegalen en uitgeprocedeerde asielzoekers in afwachting van uitzetting in gevangenissen verspreid over het hele land. Zij zaten daar tezamen met mensen die wël een strafbaar feit hebben gepleegd. In vele gevallen is dit nu nog zo, maar in 1988 werd de gevangenis 'Oostereiland' in Hoorn aan gewezen als huis van bewaring uitsluitend bedoeld voor mensen die op uitzetting wachten. 'In die gevangenis kwamen mensen haast iedere dag in opstand. Er werd veel vernield. Men voelde zich er wanhopig. Na een jaar besloot het ministerie dat het gebouw er niet voor deugde. Men dacht: Alkmaar heeft Schutterswei. Dat deugt er dus net zo min voor', zegt Lidwien Divendal van het Alkmaars Steunpunt Politieke Vluchtelingen. 'Opsluiting deugt gewoon niet', valt Jose Driessen van het Alkmaarse Anti-Discriminatie Bureau haar bij.

'De mensen uit Hoorn werden naar Schutterswei overgeplaatst. Men dacht namelijk: dan is het over. Maar het was natuurlijk helemaal niet over want op het moment dat ze hier zaten kregen ze dezelfde problemen. Deze mensen zijn radeloos. Ze accepteren niet dat ze in de gevangenis zitten, dat ze niet weten waarom ze er zitten, dat ze teruggestuurd worden. Ze krijgen niets te horen', aldus Divendal.

Zoals vermeld wordt het in bewaring nemen van een vreemdeling niet bevolen door een rechterlijke instantie. De opdracht wordt gegeven door het hoofd van politie van de stad waar de vreemdeling zijn woon- of verblijfplaats heeft. Anders dan binnen het strafrecht wordt de vreemdeling niet binnen 72 uur voorgeleid om te beoordelen of hij terecht vastzit. 'Dit is discriminatie', zeggen Divendal en Driessen. 'Hoewel zij, zonder dat zij een strafbaar feit gepleegd hebben, de hele tijd binnen het strafrechtelijk systeem behandeld worden, wordt er dan opeens gezegd: je kunt geen appels (Nederlanders) met peren (Illegalen) vergelijken.'

De vreemdelingenbewaring kan onbeperkt voortduren indien uitzetting van de vreemdeling is gelast. Blijkens jurisprudentie wordt over de maximumduur van de vreemdelingenbewaring verschillend geoordeeld door de diverse gerechten. Er komen situaties voor waarin vreemdelingen na zestien maanden, zonder rechterlijke tussenkomst, weer in vrijheid werden gesteld. De Alkmaarse rechtbank hanteert als ordemaatregel dat de bewaring niet voor onbepaalde tijd mag voortduren. Een termijn langer dan vijf maanden wordt door haar niet rechtvaardig geacht (2).

de roosendaal-route

In de tijd dat de vreemdeling gevangen zit leurt de Nederlandse overheid langs de ambassade van het land waarvan zij denkt dat de vreemdeling vandaan komt. Zij probeert dan een zogenaamde 'laissez-passer' te krijgen. Dit is een bewijs dat desbetreffend land de vreemdeling terug wil nemen. Lukt dit niet dan probeert de overheid hetzelfde bij buurlanden.

Divendal: 'Dat proberen ze net zolang totdat het lukt. Maar in vijftig procent van de gevallen lukt het niet. In dat geval wordt de vreemdeling, zo gauw de rechter dat bevolen heeft, voor Schutterswei op straat gezet met 35 gulden. Zoek het verder maar uit! Of ze worden over de grens bij Roosendaal gezet omdat ze via België naar Nederland gekomen zijn. Dan moet België het ook maar oplossen. Dit betekent meestal dat ze weer terugkomen. Ze hebben hier kennissen en vrienden of gaan weer zwart werken en worden vervolgens opnieuw opgepakt. Er zit nu iemand in Schutterswei voor de drieëntwintigste keer. Dat 'laissez-passer zou lukken als ze hun identiteit geven. En waarom doen ze dat niet? Omdat ze niet uitgezet willen worden. Dit hebben ze altijd nog liever dan terug gestuurd te worden. Want: of het kost ze letterlijk de kop of ze gaan ongelooflijk af voor hun verwanten omdat ze in de gevangenis hebben gezeten.'

Driessen: 'Het is dweilen met de kraan open. De manier waarop het nu gaat is absoluut geen strukturele oplossing. Men geeft kapitalen uit maar het is slecht voor de maatschappij, de vreemdeling en de beeldvorming over vreemdelingen. Die laatste wordt steeds negatiever. Dit soort gevangenispraktijken stralen een ongekend effect uit.'

Divendal: 'De gemiddelde Nederlander weet het verschil tussen een administratieve en een rechterlijke maatregel niet. Een vreemdeling die in de gevangenis zit wordt daarom meteen gezien als crimineel.'

ach... die dames

Zowel Driessen als Divendal zijn betrokken bij het 'experiment alternatieve vreemdelingenbewaring'. Ze willen laten zien dat het ook anders kan. In de vreemdelingenwet staat een artikel dat zegt dat als er een alternatief is beter dan de vreemdelingenbewaring, de rechter dit toe moet kennen. Bij het ministerie werd nagevraagd wat de criteria waren voor deze alternatieve vorm. Dit bleken huisvesting voor de vreemdeling te zijn en een organisatie die zich voor hem garant stelt. Uit Schutterswei werden vervolgens twee kandidaten geselecteerd waaraan de rechter opheffing van bewaring verleende. De deelnemers gingen in Amsterdam wonen en werden begeleid. Er werden vijf mogelijkheden van een legale toekomst met hen besproken: emigratie, hervestiging in een derde land, remigratie, herkansing asielprocedure en legale arbeid in Nederland via de Wet Arbeid Buitenlandse Werknemers (WABW).

Driessen: 'Als stichting moeten we garant staan dat de mensen niet meer onderduiken. Als je ze geen toekomst biedt blijven ze weer ronddraaien in het kringetje net zo lang totdat justitie ze weer uitzet. Wij willen op een vertrouwensbasis werken aan een legale toekomst.' De beide 'proefpersonen' kwamen goed terecht. De ene werd begeleid bij de terugkeer naar zijn land, alwaar hij opgevangen werd en werk kreeg. De ander werkt nu legaal in Nederland op grond van de WABW.

Op dit moment ligt het project min of meer stil, omdat er te weinig geld is. Hoewel de twee 'proefpersonen' toen zij uit de gevangenis kwamen officieel 'gedoogd' werden kregen zij geen bijstandsuitkering. De gemeente waarin gedoogden wonen màg deze mensen een uitkering geven. Ze is het niet verplicht. De gemeente Amsterdam weigerde omdat 'ze al zo vaak door Den Haag op de vingers getikt was'. Er loopt nu een zogenaamde bodemprocedure tegen deze gemeente maar die kan twee jaar duren. Tot die tijd probeert men het geld dat nodig is bij elkaar te sprokkelen. Strukturele steun uit de staatskas hoeft men niet te verwachten.

Voordat de stichting aan het experiment begon had zij een gesprek met Kosto (Staatssecretaris van Justitie), die zichzelf 'de Portier van Nederland' noemde. Hij vond het een 'interessant' en een 'leuk initiatief'. Maar vanaf het moment dat de twee vreemdelingen opheffing van bewaring kregen had hij 'er nooit in geloofd'. Divendal: 'Hij had nooit geloofd dat we het voor elkaar zouden krijgen. Vanaf dat moment kreeg de vreemdelingendienst van Amsterdam instructies. Ze werd op het matje geroepen. Kosto had het leuk gevonden, zo van: ach die dames, die zijn leuk bezig. Doe je best maar. Maar toen het gelukt was ging hij opeens een andere houding aannemen.'

Driessen: 'Men is wantrouwig naar aanleiding van twee van de doelstellingen, namelijk legalisering in Nederland door middel van de WABW, of een hernieuwde asielprocedure. Als we dat zouden schrappen dan was het okee, zei hij. Dan past het precies in het beleid van justitie en dat betekent alleen: het land uit.'

Moniek Hüsken

1) Citaat uit de Volkskrant

2) Zie: Mr K.E. Hendriksen, Onbekend maakt onbemind. Een beschouwing over de vreemdelingenbewaring. In: Migrantenrecht, 1991 nr 6.