'Minstens 14 euro!' FNV komt op voor laagstbetaalden

zondag, 19 januari 2020

Volgens de Franse econoom Thomas Piketty worden de rijker steeds rijker en de armen steeds armer. De vermogensverschillen worden steeds groter. Dat heeft een aantal uiterst vervelende gevolgen. Voor de armen, maar ook voor de hele maatschappij.

Om te beginnen is het natuurlijk een nare zaak voor de armen, omdat ze weinig of minder te besteden hebben. Ze kunnen lang niet alles doen wat goed voor ze is. Armoede heeft vooral een weerslag op voeding en ontspanning. Kinderen zijn daar vaak als eersten de dupe van. Maar armoede heeft ook een negatief effect op de hele economie. Het gaat immers om een grote groep (mogelijke!) consumenten. Volgens het SCP (Sociaal Cultureel Planbureau) leven 1,3 miljoen Nederlanders onder de lage-lonengrens. Dat raakt 350.000 kinderen. Het gaat daarbij om een maandinkomen van minder dan 1030 euro voor een alleenstaande en 1560 euro voor een éénoudergezin met 2 kinderen.

Een ander gevolg van de groeiende tegenstelling tussen arm en rijk is onrust en onveiligheid. Sociale instabiliteit en criminaliteit noemen ze dat. Sommige armen komen in verzet. Bijvoorbeeld in gele hesjes of meer georganiseerd in vakbonden. Enkelen halen op eigen houtje de schade in. Helaas nog veel te vaak bij hun ook al niet bemiddelde buren in plaats van in de villawijken. De straat wordt er niet veiliger op.

Piketty wijst tenslotte op nog een belangrijk effect: de democratie wordt aangetast. “Eén man – één stem”, telt eigenlijk niet meer. Mensen met geld krijgen gemakkelijker hun zin dan lieden met lege handen. Zo nodig ‘regelen’ of kopen zij hun gelijk bij hun ‘vrinden’.

Campagne

Ha! Aan al dit soort toestanden wil de nationale vakbond FNV nu een einde maken! Althans, een belangrijke stap zetten in de richting van méér inkomensgelijkheid. Daarom is de FNV een landelijke campagne gestart voor een minimumloon van 14 euro. Momenteel is het wettelijk vastgestelde minimumloon € 9,82. Doen we niks dan is dat in 2022 niet meer dan € 10,77. Bij het optrekken van het minimumloon naar € 14,- per uur betekent dat een verhoging van 30%. Dus een verhoging van de koopkracht van de laagstbetaalden met 30%. Knappe koppen hebben berekend dat het haalbaar is. En bovendien dat het goed is voor de werkgelegenheid. Misschien levert het ook een iets grotere invloed op in het maatschappelijk gebeuren. Het einde van het kapitalisme is het niet. Daar is meer voor nodig. Maar een daadwerkelijke verbetering is het wél.

Inmiddels heeft de FNV in meerdere steden actiegroepen opgezet. In Amsterdam is geprotesteerd bij de Miljonairsbeurs. In Leiden is een heuse demonstratie van tachtig mensen voor de 14 Euro door de stad getrokken. Het plaatselijke platform Doorbraak deed daaraan mee. In Den Haag wordt op 29 januari door het platform De Haagse Mug om 19.30 uur in boekwinkel De Opstand een debat over de 14 Euro georganiseerd.

Om een oude leus maar weer eens van stal te halen: “Blijf daar niet zo lullig staan – kom erbij en sluit je aan!”