zaterdag, 1 juni 1991

Bernadette McAliskey is een Noordierse aktiviste, tegenwoordig nauw betrokken bij mensenrechten-problematiek. In de zeventiger jaren bestormde ze het theater van de democratie, nadat ze, als afgevaardigde voor Noord-Ierland werd gekozen in het Engelse parlement. Enige jaren geleden verscheen haar boek 'De prijs van mijn ziel'. Ze noemt zichzelf een saboteur of sloper.

"Het is een groot voorrecht om na Nawal el Sadaawi te mogen spreken, want totdat zij begon dacht ik dat ik op de verkeerde conferentie was. Als ik dit zeg is het niet bedoeld om agressief te zijn, of om deze conferentie op de een of andere manier te bekritiseren. Maar om uit te leggen waar ik vandaan kom. Laat mij uw verbeelding voor een moment afbreken.

Mijn paper bestaat niet, jullie kunnen me op dit gebied niets meer leren. Mijn verbeelding is al totaal afgebroken. Het verhaal zal verschijnen tijdens mijn praten en verdwijnen als ik stop. Als het geen relevantie of belang heeft zal het sterven. Als het dit wel heeft, zal dat alleen zijn in de verbeelding van anderen. Het is relevant voor hun strijd, voor hun bestaan, en zij zullen het voortzetten.

Ik voelde me geïntimideerd en gefrustreerd.In elke normale situatie, alhoewel het moeilijk is om van normaal te spreken in mijn maatschappij, zou hij die mij intimideert dat ook naar zijn gemeenschap doen. Maar hier waren de mensen zo beleefd en vriendelijk. Ik was niet zo zeer intellectueel geïntimideerd, ik was emotioneel geïntimideerd vanuit kwaad zijn. Dat was het moment waarop ik dacht; noem mij niet ander. Wiens ander ben ik.

44 jaar ben ik en ik besteedde mijn hele volwassen leven aan het definiëren van mezelf en het groeien om mezelf te worden. Om mezelf te accepteren, om een begin te maken met mezelf te begrijpen. Om me te identificeren voor mezelf. En nu opeens ben ik een ander. Ik ben geen ander. De wereld begint voor mij daar waar het alleen maar kan beginnen en dat is hier. Ik zie geen totaalvisie van de wereld, omdat ik hier ben en niet ergens daar. Ik kan de wereld alleen maar zien van waar ik sta. En wat gebeurde van waar ik stond. Ik voelde dat ik opnieuw gedefinieerd ging worden als iets wat ik niet was. En in de huidige fase waarin ik ben, bracht dat me in de war.

Dit wilde ik eerst gezegd hebben en zo wordt duidelijk waarom ik begonnen ben met een directe verklaring en dat was: noem mij niet ander. Praat niet over mij als over een ander.

Tegelijk is dit de andere kant of een ander gezichtspunt van de ondertitel van mijn lezing en die is: In iedereen schuilt een zionist.

Ik kan niet, nee, ik zou het wel kunnen, want ik geniet er van als een intellectueel spel, voor altijd praten, in cirkels. Een van de redenen waarom ik naar deze conferentie kwam was omdat het allemaal zo fascinerend klonk en tot nu toe was het dat ook. Om weg te gaan uit het altijd terugkerende gevecht van overleven en terecht te komen in een sfeer waar mensen kunnen discussiëren over concepten en intellectuele ideeën in plaats van bezig zijn met de praktijk van alledag.

De tijdslimieten voor spreken waren krap, het was fantastisch om te zien dat het lukte, maar als we deze conferentie zouden houden met de zekerheid dat over 15 minuten de militairen een inval doen, dan zou alles binnen die tijd besproken zijn. Absoluut, geen probleem. Instinctief zouden jullie weten wat belangrijk is, wat nu gedaan moet worden en wat morgen. En tijdens de intellectuele discussies zouden er ook al voorbereidingen getroffen worden om de deuren te barricaderen. Het zou geen probleem zijn voor jullie. Het zo bij elkaar zitten is een soort luxe, buiten onszelf om praten over Europa en zijn anderen.

Dus ik weet dat ik geen ander ben, in ieder geval niet voor mezelf. En ik weet niet wat Europa is. Ik moet beginnen met waar ik ben. En waar ik was tijdens het confereren is een fascinerende plaats om te zijn.

Vandaag is, heb ik begrepen, bevrijdingsdag in Nederland, maar ook de dag waarop het tien jaar geleden is dat Bobby Sands (gevangen IRA aktivist) stierf. Het is erg moeilijk voor mij, als Ierse, om daar intellectueel mee om te gaan, erg moeilijk om intellectueel om te gaan met de dood van Bobby Sands en de negen anderen die hem volgden in de dodelijke hongerstaking. Het is niet iets wat zit in mijn etniciteit, of mijn ras of mijn Keltische kultuur van hongerstaking voor rechtvaardigheid. Geen enkele van die dingen heeft het intellectueel moeilijk gemaakt, maar het is de pijn. Het is de pijn ervan die ik alleen maar deel met mensen die deze pijn begrijpen, omdat zij ook geleden hebben. Wanneer mensen in een positie zijn, of het nou een economische of een culturele is, waar ze alleen nog maar hun fysieke lichaam hebben om mee te kunnen handelen of vechten, dan komen we bij de essentie van de menselijkheid.

En Bobby Sands vocht met zijn lijf, dat was het enige wat hij had. Voor wat? Wat was het essentiële, ontdaan van het speciale, van Bobby Sands en zijn gevangeniskameraden?

Het was een verklaring, het was een eis waar niet aan tegemoet gekomen werd. Die verklaring was: ik ben een mens en ik eis behandeld te worden met een waardigheid waar mijn bestaan recht op geeft. Niet om wat ik denk, of waar ik woon of waar ik ben op de sociale ladder of iets van die aard, jullie kunnen me haten, jullie kunnen me opsluiten, me noemen zoals jullie willen, maar jullie moeten accepteren dat ik een mens ben. Precies zoals jullie.

En al de dingen die mee gingen spelen en dat verhinderden, gebeurden op een bepaalde manier. Nu terugkijkend kan ik het de Engelse regering niet verwijten dat ze handelden zoals ze deden, want het was een strijd om macht. Het was een gevecht om de macht tussen de bodem en de top. En zij hadden alles te verliezen en Bobby Sands had niets te verliezen.

En ik kijk van Bobby Sands naar bevrijdingsdag, naar de Tweede Wereldoorlog. Ik kijk naar die pijn vermenigvuldigd met zes miljoen. Zes miljoen joden werden uitgeroeid, als ratten. Op de een of andere manier kan ik de Nazi's begrijpen, maar dit Europa van jullie heeft de vernietiging van zes miljoen joden getolereerd. Als we het dan toch over dekoloniseren van Europa hebben mogen jullie daar wel beginnen. Want elke rationele uitleg van het naoorlogse tijdperk en hoe het kon gebeuren is niet goed genoeg. Ik geloof het niet.

Ik geloof dat het gebeurde omdat het mogelijk was een grote groep mensen buiten de definitie van menselijkheid te plaatsen. En mensenrechten kunnen we alleen maar toepassen op mensen die mensen zijn. En daarom is het simpel, erg simpel om onuitsprekelijke dingen te doen. Alles wat je hoeft te doen is zowel de mensen die het moeten doen als de mensen die toekijken overtuigen dat het niet echt gaat om mensen. Als we de holocaust echt begrepen en de lessen geleerd hadden, zouden we nooit meer meegemaakt hebben dat het, in wat voor vorm dan ook, weer gebeurde.

Kijk eens wat er gebeurt met de Palestijnen. Wat nu gebeurt met de Palestijnen gebeurt omdat Europa het zichzelf op intellectuele wijze toestaat. Omdat men Palestijnen niet toelaat binnen het begrip menselijkheid. Niet dat ze onmenselijk zijn, maar wij distantiëren ons ervan.

In de tijd die ik nog heb, wil ik een aantal concepten opwerpen, met betrekking tot het dekoloniseren van jullie verbeelding. We kunnen, zoals Nawal al zei, alleen maar ons zelf dekoloniseren en ik zeg dat we het alleen maar kunnen door middel van strijd, we kunnen het alleen maar door worstelen met concepten.

Hiermee kom ik terug bij mijn oorspronkelijke these: in iedereen schuilt een zionist. In mijn hele leven heb ik geen bewijs gezien dat mensen gekant zijn tegen onderdrukking. Denk daar eens over na.

In de loop van mijn leven heb ik nog nooit gezien dat mensen intellectueel gekant zijn tegen onderdrukking. Mensen zijn gekant tegen onderdrukt wórden. En als we kijken naar wie vecht tegen onderdrukking, is het degene die onderdrukt wórdt. We vechten tegen onderdrukking omdat we er niet mee kunnen leven, het vermoordt onze mensen. Mensen sterven, mensen hebben gebrek aan de basisbehoeften, zoals voedsel en informatie. Omdat ze geen macht hebben. Het is geen duivel, geen gebrek aan kennis en het is geen.....de woorden komen zoals de donkere eeuwen komen.

Het is geen onwetendheid waardoor deze dingen gebeuren. In 1991 sterven niet miljoenen mensen in Ethiopië van de honger omdat het buiten de intellectuele vermogens van de mensheid ligt. Ze sterven niet omdat het buiten de technologische vermogens van de mensheid ligt. Mensen in Ethiopië sterven van de honger omdat het ten voordele van de machthebbers is hun tijd niet te verspillen aan het inzetten van intellect en technologie om dit te voorkomen.

Daarom gebeurt het.

Palestijnen, Zuidafrikanen en Ieren lijden onder de schandalige schendingen van mensenrechten waarop u uw nieuwe Europa denkt te bouwen. Hoe kunt u rechten verdedigen die u onder andere in uw eigen samenleving niet verspreidt,  of rechten verdedigen en ze dan weer overtreden.

Weet u het niet, heeft niemand u verteld wat er gebeurt in Israël, op de Westbank, of in de thuislanden. Heeft niemand u verteld dat de Engelse regering vaker dan enig ander EG-land moest verschijnen voor de mensenrechtencommissie van het Europese Hof en dat zij bijna elke keer veroordeeld is voor schendingen van de mensenrechten tegen mijn volk.

Het is een fantastische organisatie, die mensenrechtencommissie van u, ik weet het uit eigen ervaring. Ik weet hoe je er moet komen, ik ken alle formulieren en alle argumenten.

Vijf jaar, op z'n minst, duurt het voordat je er mag verschijnen. Vijf jaar na de dood van mijn broer mocht ik daar komen om te zeggen:" Sorry, maar vijf jaar geleden vermoordde iemand mijn broer, vijf jaar geleden folterde iemand mijn zus". Het Europese Hof keek er op z'n intellectuele objectieve manier naar en zei;"O ja...?". En toen stuurden ze me een brief en schreven; we willen u informeren dat vijf jaar geleden iemand uw zus folterde. Ik zeg dan:" Ik weet het, dat heb ik jullie verteld. Wat gaan jullie eraan doen?" Niets.

Is dat omdat jullie er niets tegen kunnen doen, of komt het omdat er binnen de structuren van grondwet en concepten van rechten een eigen hiërarchie en racisme is?

Daarom werp ik u nu nog wat andere begrippen toe.

Vertrappen van mensenrechten is iets wat gebeurt in de Derde Wereld? Blanken kunnen de mensenrechten van blanken niet schenden? Dat lijkt me de constructie van een Europese samenleving, die u af zou moeten breken.

Laten we over gaan naar een ander voorbeeld. Weet jij wie ik ben? Ik weet wie ik ben, maar weet jij wie ik ben?

Daar was ik, bezig met m'n eigen dingen op het stukje land waar ik woonde. Ik wist waar ik was. Ik wist niet dat ik behoorde tot een ras. Nu spreek ik historisch, cultureel over mezelf. Kun jij mij vertellen wie ik ben?

Ik was in mijn woonplaats, bezig met mijn eigen dingen volgens een bepaalde sociale constructie, het zou kunnen lijken op onverschilligheid, maar och, het paste me steeds. Toen kwam jij langs, wie je dan ook was.

Ik zei:" Goedemorgen, waar kom je vandaan?". Maar je begreep niet wat ik zei, want je sprak mijn taal niet. En ik begreep niet wat jij zei. Maar ik noemde jóu geen wilde, ik noemde jóu niet onwetend. Jij noemde mij zo. Dus, als er een probleem is met definities en stereotypen, dan is het niet het mijne. Het is het jouwe, ik heb het niet uitgevonden. Je vertelde dat je kwam om mij te beschaven. Ik wist niet wat beschaving was, maar ik kon me redden. Dus jij definieerde beschaving. Je bracht je rare god mee. Ik had er een van mezelf.

Ik had je moeten haten, ik had je echt moeten haten.

Kijk naar wat je mij hebt aangedaan voordat je me ander noemde. Wat jij deed was mijn taal uit mijn mond halen, jij nam het systeem van sociale organisatie weg uit mijn gemeenschap, jij nam me mijn rare kleine god af en plantte die van jezelf. En terwijl je dat deed nam je me mijn land af, je pikte mijn waardigheid en je noemde het vooruitgang en ik had je daarvoor moeten haten. Maar ik deed het niet.

Want ook bracht je me onderwijs en leerde je me mijzelf te haten. Dus ik haatte mijzelf, arme onwetende wilde die ik was.

En je gaf me een rol en het was prachtig, ik volgde het. Ik zei: "Ik ga naar je school en bid voor je god. Ik zal mijn wildheid uitbannen en ik zal jouw systeem volgen". Dus je onderwees me en het idee van goedheid was jij en alles wat slecht was, was ik. Je nam me de herinneringen af van alles wat ik was omdat je het kinderlijk en primitief vond, en zoals in de bijbel staat: we moeten al het kinderlijke achterlaten.

Maar toen ik eenmaal onderwezen was, was het niet grappig. Je leerde me lezen in jouw taal en ik las al die boeken en ik ontdekte, omdat ik het me af begon te vragen, waarom je het deed. Het was kleur. Ik kon het zien, toen jij je verlichtte, toen jij vooruitging.

En toen jij de slavernij afschafte was het natuurlijk geen intellectuele beslissing slaven geld te geven, het was goedkoper om ze voor zichzelf te laten zorgen dan ze te voorzien van huizen en beschutting. Het was goedkoper om de indruk te wekken dat ze bevrijd waren, om ze daarna het geld toe te gooien en alles bij het oude te laten.

Je hebt een probleem met dit beeld, maar het is jouw probleem, ik heb de ideologie van ras of kleur of kapitalisme of imperialisme of sexisme niet uitgevonden. Jullie waren het. Omdat het in het voordeel van jullie macht was. En er is een interne contradictie, want in de concepten die jullie creëerden ben ik opgegroeid en op leeftijd gekomen. Jullie vertelden mij dat ik Ierse was. Ik niet. Mijn naam is Devlin, van het gewest Tyrone.

Jullie waren het die al mijn gewesten en graafschappen samenvoegden en het een ras noemden, niet ik. Jullie waren het die Ethiopië en Algerije en alle gemeenschappen van Afrika samenvoegden en ze een ras noemden. Niet ik. Dus je hebt een probleem, maar geef niet mij de schuld, geef mij op geen enkele manier de schuld.

Ik ben wantrouwend ten aanzien van jullie nieuwe Europa.

Weet je wat ik denk? Jullie hebben problemen en ik denk dat de edele wilde jullie komt halen. Ik denk dat het rijk uit elkaar valt, ik denk dat er geen verschil is tussen jullie nieuwe Europa en de Afrikaanders die hun wagens bij elkaar zetten en een cirkel trokken. Of de Britten, die besloten dat we een echt 'Verenigd Koninkrijk' zijn, op een klein eiland en dat we allemaal vrienden moeten zijn.

Ik denk dat jullie bang zijn, ik weet hoe het voelt, ik was er. Ik denk dat jullie in de war zijn over je identiteit. Jij niet (Nawal el Sadaawi), ik niet, zij niet (Gayatri Spivak), zij niet (Rhoda Reddock),jij deels nog (Ann Stoller), we vergeven het je dat je Amerikaanse bent, als je het ons vergeeft.

Dus ik heb geen probleem, maar ik begrijp dat van jullie volkomen. Identiteitscrisis, da's een probleem. Zal ik vertellen hoe je eruit komt? Wij, wij allemaal zijn er geweest. En we zijn eruit gekomen, door strijd.

Ik geloof niet dat dit intellectuele concept van een nieuw Europa en zijn anderen gaat over het afbreken van oude rolmodellen die slecht waren voor de menselijkheid. Ik denk dat jullie de referentiekaders willen veranderen, voordat jullie uit de boot vallen. Met jullie bedoel ik niet de mensen in de zaal, maar de mensen die een nieuw Europa creëren. Mij interesseert het nieuwe Europa niet, wat mij bezighoudt is een aantal basisuitgangspunten.

Enkele fundamentele mensenrechten wil ik voorleggen, uitwerken en neerzetten. Elk menselijk wezen heeft dezelfde mensenrechten. Dat is het. Fundamenteel betekent het dat we dezelfde mensenrechten moeten hanteren naar mensen die ons haten en mensen die ons liefhebben. Naar mensen die onze veiligheid bedreigen als naar mensen die onze veiligheid versterken. Naar mensen die de concepten die we hier gebruiken uitdagen. Er moeten mensenrechten zijn voor mensen van alle denkrichtingen en alle groepen. Een fundamenteel recht dat moet worden toegekend is het recht om anders te zijn. Want dat is hetgeen waar we problemen mee hebben. Het menselijk recht behandeld te worden naar een inherente waardigheid, en dan nog steeds anders te kunnen zijn. Want het is mijn bestaan dat me waardigheid verleent. En ik vind dat mensen moeten begrijpen dat het feit dat ik besta mij waardigheid verleent. Niet dat ik een waardevolle bijdrage aan de samenleving lever. Niet dat ik werk, niet dat ik denk, niet dat ik een vrouw ben, niets dat ik ben.

Ik heb geen macht, jullie hebben alles en ik ben van plan mijn deel te pakken.

Ik heb het recht op menselijke waardigheid, omdat ik ben.

En geen enkele van de mensenrechten die ik waar dan ook zie, belichaamt dat. Dat is de eerste.

Onze ideeën van mensenrechten komen voort uit de burgerlijke revolutie van jullie natiestaten, die jullie nu bezorgdheid inboezemen. Ik vond die ook niet uit. Maar ik vertel jullie dit; voor dat jullie de notie van natiestaten weggooien, wil ik die van mij terug. Daarna bediscussiëer ik met jullie of we wederzijdse handel van wat dan ook zullen voeren.

Ik vertel jullie wat anders: ik heb het menselijk recht op erkenning dat mijn maag net zo groot is als die van ieder ander en dat betekent een economische determinering van mensenrechten omdat dat kruist met het intellectuele concept van gelijkheid. Ik heb het recht om niet van honger te sterven. Hoe zal jullie samenleving dat organiseren? Ik heb het recht om niet te sterven aan totaal onnodige vervuiling en ziekten. Kan uw nieuwe Europa daarmee om gaan? Waar we het hier over hebben is macht. Ik ben niet jullie ander. Ik ben ik. Ik ben vrouw. Ik ben Ierland. Ik ben Palestijn. Ik ben Afrika.

Ik heb geen macht, jullie hebben alles en ik ben van plan mijn deel te pakken. Jullie kunnen het me niet geven. Jullie kunnen nooit terug. Jullie koloniseerden mijn geest. Jullie koloniseerden mijn lichaam. Jullie koloniseerden mijn volk. Jullie koloniseerden mijn land. Jullie namen mijn vrijheid. Jullie namen mijn waardigheid. Onverschillig hoeveel jullie mijn ander wilden. Jullie kunnen mij dat nooit teruggeven. Want als jullie dat eenmaal gepakt hebben (dat is het systeem van macht), kan de situatie niet meer teruggedraaid worden, totdat ik mijn gelijkheid herstel. Ik herstel mijn identiteit en neem terug wat jullie van mij gestolen hebben. Als gelijken zullen we dan onze gezamenlijke toekomst bespreken.

Want er zijn geen anderen, er zijn geen uitverkorenen. Iedereen start met het idee uitverkoren te zijn, dat de wereld met hem begint, dat hij de missie heeft de wereld te beschaven.

In iedereen schuilt een zionist en ik ben niemands ander".

Vertaling: Sacha van Ruth/ Herbert Bitter