zaterdag, 27 februari 2021

Gisteren (26 feb) vernietigde het Gerechtshof de uitspraak van de Voorzieningenrechter over de avondklok. Helaas, want die maatregel beperkt mij behoorlijk in mijn doen en laten. Uit het vonnis leid ik ook af dat de wet waarop de avondklok was gebaseerd nu zó wordt geïnterpreteerd dat de regering de avondklok in de toekomst probleemloos kan uitbreiden naar een algeheel straatverbod.

Ik ben geen medestander van Viruswaarheid, maar was wel blij dat ze een kort geding voerden tegen de avondklok. Want ik heb behoorlijke last van die maatregel. Gisteren vernietigde het Gerechtshof [ECLI:NL:GHDHA:2021:285] de uitspraak van de voorzieningenrechter echter weer. Het Hof interpreteerde daarbij meteen een aantal onderdelen van de wet waarop de avondklok in eerste instantie was gevestigd, de Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag (Wbbbg).

Uit het vonnis van het Gerechtshof haal ik één onderdeel naar voren dat volgens mij de weg kan openen naar de toekomstige invoering van een algemeen straatverbod. Recentelijk, toen de avondklok-maatregel onder druk kwam te staan, zei minister Grapperhaus dat hij destijds zou hebben overwogen om een algemeen uitgangsverbod in te voeren in plaats van de meer beperkte avondklok....

Geen superspoed?

Volgens het Gerechtshof sprak de kortgedingrechter voor haar beurt, want het zou niet zijn gebleken dat ¨de Staat onjuiste keuzes heeft gemaakt en dus niet in redelijkheid voor het gevoerde beleid heeft kunnen kiezen¨. Evenmin zou zijn gebleken dat ¨de Staat een bevoegdheid aanwendt zonder dat daarvoor in de gegeven omstandigheden een wettelijke grondslag bestaat¨. Daarmee veegde het Gerechtshof resoluut het argument van de kortgedingrechter van tafel dat er geen sprake was geweest van de vereiste ´superspoed´ (´buitengewone omstandigheden´) bij de keuze van de regering voor de Wbbbg als basis voor de avondklok. De rechter was van oordeel dat de regering onvoldoende had onderbouwd waarom ze niet had gekozen voor een normaal (spoed)wetgevingstraject.

Interpretatie ´buitengewone omstandigheden´

Het begrip ´buitengewone omstandigheden´ in de Wbbbg was nog niet geïnterpreteerd en daarom deed het Gerechtshof dat in haar vonnis en wel op deze manier: ¨Sinds een jaar heeft Nederland te maken met een pandemie die hier en elders grote aantallen dodelijke slachtoffers heeft gemaakt. Het virus is ondanks vele (vaak vergaande) maatregelen nog niet uitgedoofd en muteert nu in (veelal) nog besmettelijkere varianten. Het wachten is op voldoende vaccinatiemogelijkheden en onzeker is of de thans bestaande vaccins onverminderd werken bij de nieuwe varianten¨.

Het Gerechtshof oordeelt ook dat de regering zich terecht baseert/baseerde op de adviezen van het OMT (als de ¨best mogelijke professionele¨ beschikbare adviseur) om het aantal besmettingen zo laag mogelijk te houden en zo te voorkomen dat Nederland wordt overspoeld met een derde golf bovenop de tweede. De regering zou het OMT-advies voor het invoeren van de avondklok terecht hebben overgenomen [noot 1] omdat er geen gelijkwaardige alternatieven voorhanden zouden zijn. En de noodzaak voor de avondklok vervalt niet ondanks dat niet is aan te geven wat de uitwerking is van het eveneens overgenomen advies van de beperkte bezoekregeling (van 1 persoon per keer thuis op bezoek [noot 2]).

Met de toenemende ¨internationalisering¨ van het virus in Nederland (lees van het Chinese virus, via de Britse naar de Zuidafrikaanse en Braziaanse varianten – en wie weet wat nog volgt), zal er altijd wel een reden worden gevonden om artikel 8 van het Wbbbg naar behoefte aan te passen [noot 3].

Noot 1: De kortgedingrechter gaf aan dat het OMT naar eigen zeggen niet met bewijzen kwam voor de stelling dat de avondklok een substantiële bijdrage levert aan het terugdringen van het virus. In het vonnis van het Gerechtshof kwam ik geen overweging tegen die die mening onderuit haalt. Hooguit deze vage opmerking: ¨3.9 De avondklok kan volgens het OMT een waardevolle aanvulling zijn op de overige reeds geldende maatregelen¨.

Noot 2: Tijdens de persconferentie van afgelopen dinsdag scherpte Rutte dit bijna ongemerkt aan door met zijn opmerking ¨één persoon per dag¨. Rutte flikte iets dergelijks vorig jaar ook door in een bijzinnetje te hinten op een nieuwe maatregel die de Horeca betrof.

Noot 3: Wbbbg, art 8 lid 1: ¨Onze Minister van Veiligheid en Justitie en de commissaris van de Koning zijn bevoegd het vertoeven in de open lucht te beperken.¨ De looptijd van de Wbbbg is overigens tot 21 januari 2021 (https://wetten.overheid.nl/BWBR0007982/2013-01-01/).

Taco van Dommels