vrijdag, 25 september 2020

Facebook splijt ganse families. Door middel van Korona. Of moet je zeggen: Korona splijt door middel van Facebook. Hoe dan ook: mijn broer ontvriendde mij gisteren blijkbaar op Facebook. En ik moet toegeven, dat dat mij grieft, erger dan ik verwachtte.

Mijn broer vertrok reeds voor mij naar het Westen, naar (toen nog West-)Duitsland, Gelsenkirchen, de Kohlenpott. Niet dat hij ooit iets met kolen deed. Hij viel blijkbaar zo erg in de smaak van een Duitse carrierevrouw dat die het prima vond dat hij thuis bleef met hun kinderen terwijl zij zelf bergen geld verdiende in de financesektor. Niet dat mijn broer een feminist is. Ik vermoed dat hij juist heel erg uithuizerig was en misschien nog steeds is. En zij misschien ook. Ik heb het fijne van hun burgerlijke leventje in de witste wijk van de saaiste Duitse stad nooit begrepen.

Doch was hij mijn grote broer. Deed grotebroer-dingen. Zoals mijn leven redden. Thuis in de Vojvodina is een bergkam, en ik koos die bergkam uit toen ik zes of zeven jaar was, om te verdwalen. Het hele dorp was naar mij op zoek toen het donker werd. Het was begonnen met regenen en oudere dorpsbewoners wisten dat er beren en wolven in het ontoegankelijke gebied huisten. Ver na middernacht was het mijn broer die mij vond. Ik was al onderkoeld, en had mijn hand en benen lelijk opengehaald aan een doornstruik.

In de oorlog thuis was mijn broer op de kant van mijn moeder.Hij gebruikt haar familienaam, ik die van mijn vader. Doch was het mijn broer die mij vergezelde toen ik in Australie mijn vader ging zoeken. Ik heb al eens voor Konfrontatie beschreven hoe mijn vader wegging van mijn moeder en wilde verdwalen zoals ik hem dat had voorgedaan. Mijn broer bleef in A bij me, totdat ik vanuit Perth het binnenland besloot in te trekken, om verder te zoeken. 'Pa is dood', schreeuwde hij, wel tien keer achtereen. Alsof ik dat niet wist.

Mijn vader noemt hij pa, mij noemt hij 'zusje de professor'. Zoals U waarschijnlijk wel weet, doen alle mensen dat die denken dat de ander slimmer is, en daarmee niet kunnen omgaan. Mijn broer heeft vier jaar onderwijs gehad, jazeker. Maar hij heeft zijn snuitje mee en daarmee precies gekregen wat hij wilde, zie de eerste alinea van dit verhaal. Hij lijkt daarin op mijn moeder. Altijd in voor lekkers en nieuws, uren doorgebracht achter de kaptafel en een echtscheiding gekregen, de ware bonus in haar vriendinnenkring.

Mijn broer ruziet zoals mijn moeder dat doet. Ze beweert iets -of eigenlijk herhaalt ze iets dat ze in een tijdschrift bij de kapper heeft gelezen- en zodra de ander tot wie zij het woord heeft gericht daar iets tegen in beweert, doet ze het debat op slot met de woorden: 'Je hoeft het niet met me eens te zijn. Ik mag toch ook een mening hebben?' Ze woont tegenwoordig weer in Boedapest, onder Orban. Ik spreek er niet meer over met haar, sinds ze de tegenstanders van Orban 'Merkelisten' heeft genoemd.

Met mijn broer en de Korona ging het gister net zo. Hij vroeg zich op Facebook af of hij nou zo dom was en ieder ander zo intelligent of omgekeerd, omdat hij gelezen had -evident bij de Springerpers- dat de tweede golf van Korona maar een fractie van het aantal slachtoffers van de eerste golf oplevert, 'en het dus nonsens is om de maatschappij en de economie met maatregelen te ontwrichten'. Omdat ik hem ken, ging ik in mijn post niet in op zijn bewering maar attendeerde hem op een schrijffout. No big thing, zei ik er nog voorzichtigheidshalve achteraan. Het laatste dat ik wilde doen was hem grieven. Feitelijk wilde ik hem trots maken omdat zijn zusje de professor zijn intelligente beweringen had gelezen. En ik bedoel al mijn posten in Facebook eigenlijk ook alleen als een levensteken.

Deze keer hoorde hij mijn teken niet...

Eva Bardi