zaterdag, 1 juni 1991

De stortvloed van informatie is van een overweldigende omvang, maar al met al valt het met de diversiteit ervan toch wat tegen. Met de huidige media is het zo'n beetje als met het afwasmiddel, de margarine en het kattenvoer op de schappen van de supermarkten. Of met hele reeksen reggaeplaten. Of met de ideeën van de grotere politieke partijen. De verpakking en de merknaam kunnen verschillen, het product zelf is steevast van een grauwe en weinig originele middelmaat.

Het venijn waarmee dit hier gezegd wordt verraadt dat diegenen die betrokken zijn bij dit nieuwe blad met deze situatie niet zo tevreden zijn. Sterker nog, wij zijn niet gelukkig met de wereld zoals die nu is (al kunnen we zo nu en dan best gelukkig zijn). De maatschappij van nu, dat is behalve een ongekend grote hoeveelheid consumptiegoederen ook minachting, uitbuiting, geweld, natuurvernietiging en kilte. Daar kun je niet onbewogen bij blijven. Wij willen de boel dan ook veranderen.

Steeds meer dringt het besef door dat de verscheidenheid van links te veel is verworden tot een soort hokjesmentaliteit. Natuurlijk, er worden gelukkig specifieke activiteiten ondernomen. Zoals op het gebied van militarisme, of vrouwenstrijd, of apartheid, of milieu. En het is zonder uitzondering belangrijk om daarmee concreet bezig te zijn. Maar het gevaar dreigt dat de samenhang met andere onderwerpen uit het oog verloren wordt. En de achterliggende oorzaken onvoldoende aan bod komen. Alleen daarom al zouden de diverse benaderingen met elkaar in contact moeten zijn. Verschillende ideeën, uiteenlopende achtergronden en gevariëerde ervaringen hebben elkaar iets te vertellen.

Daarom wil Konfrontatie een ontmoetingsplek zijn, een podium waar verschillende geluiden gehoord worden. Waar kritisch geluisterd wordt. Waar een betrokkenheid voelbaar is en je inspiratie kunt opdoen. Een tijdschrift dat zich niet zonder meer laat bepalen door de waan van de dag, maar wel de relevante achtergrondinformatie wil bieden die actuele onderwerpen in een breder kader plaatst. Waar verder niemand bang is voor fundamentele vragen, discussies niet geschuwd worden en waar ideeën voor verzet, voor verandering, uitgedragen kunnen worden. Want Konfrontatie is geen doel op zichzelf. Wij zien dit blad als een middel om bij te dragen aan het ontwikkelen van strategieën van effectief verzet. Om te komen tot de veranderingen die nodig zijn.

Daarom is er in ieder nummer naast aandacht voor een aantal specifieke thema's, cultuur en achtergrondinformatie uitdrukkelijk ook ruimte voor artikelen die een analyse bevatten, discussie stimuleren en/of een strategisch perspectief bieden. En is het ook een blad dat niet blijft steken in een paar beperkte kringen, maar breed verspreid en gelezen wordt.

Het is eigenlijk niet de bedoeling dat je het eens bent met alles wat er in Konfrontatie zoal te lezen is. We hopen op onverbloemde onenigheid, op eerlijke meningsverschillen. Want (om het vrij naar Rosa Luxemburg te stellen): "zonder het vrije botsen der meningen sterft het politieke leven af". Wij willen een vrijheid van meningsvorming. Daarbij hoort de spanning van het confronteren, met jezelf, met de reëel bestaande wereld en de gevoelens, ervaringen en inzichten van anderen. Dat biedt ook mogelijkheden om gesterkt de confrontaties aan te gaan die tot de taak van links behoren.

Konfrontatie is en blijft ongebonden, kan en zal niet ondergeschikt zijn aan de visie of strategie van enige, al dan niet partijpolitieke, groepering. Konfrontatie is en blijft betrokken, kan en zal niet verworden tot een vrijblijvende vergaarbak van alles wat zich maar links voordoet. Als een kritische houding en openheid echt te combineren zijn, dan is solidariteit niet langer slechts een hol begrip. Bijvoorbeeld.

Een pretentieus blaadje, kortom. De mensen die bij Konfrontatie betrokken zijn, zijn echter overtuigd van de politieke en maatschappelijke noodzaak van het initiatief. Verder vinden we het natuurlijk ook best leuk om te doen, anders zouden we het waarschijnlijk toch nalaten. Rijk zullen we er zeker niet van worden (maar dat zouden we ook niet willen). Wel hopen we dat Konfrontatie levensvatbaar zal blijken. Daarbij zijn ook de financiën belangrijk. Veel startkosten werden betaald uit de giften van enkele fondsen, voor een duurzaam vervolg zullen er echter heus voldoende abonnees moeten komen.

Begin maart al is er een proefnummer uitgebracht, bedoeld om een en ander concreet vorm te geven en reacties te krijgen. Het proces dat leidde tot het maken van dit nulnummer (wie ƒ5, overmaakt op het in het colofon vermelde gironummer krijgt nog een exemplaar van de tweede druk toegestuurd) was soms uitermate traag en moeizaam. Dat het tegelijkertijd leerzaam was en niet is gestokt blijkt nu. Vanaf september zal Konfrontatie maandelijks stipt verschijnen.

De organisatie wordt inmiddels gedragen door mensen die deel uitmaken van uiteenlopende organisaties en bewegingen, afkomstig uit verschillende (sub)culturen, verspreid over meerdere regio's. In sommige plaatsen zijn zogenaamde "lezersgroepen" aan het ontstaan. Zo'n groep bestaat uit een aantal mensen die gezamenlijk ideeën en artikelen uit Konfrontatie bespreken, om zo voor elkaar en de redactie een klankbord te kunnen zijn. Maar er zijn meer manieren om deel uit te gaan maken van de werkelijkheid die Konfrontatie is. Zoals zitting nemen in de redactieraad, meedoen met het organisatorische werk, artikelen sturen en (vooral) een abonnement nemen. En anderen op deze mogelijkheden attenderen.

Het al genoemde nulnummer, al net als dit eerste nummer ongetwijfeld maar gedeeltelijk volmaakt, werd over het algemeen positief ontvangen. Er waren kritische en inhoudelijke reacties die belangrijk zijn bij het ontwikkelen van een ook journalistiek goed blad. Veel mensen blijken het inderdaad een belangrijk initiatief te vinden en waarderen de prikkelende verscheidenheid aan onderwerpen en visies. En steevast wordt het een kwestie van lef gevonden. Zo'n tijdschrift te beginnen, nu.

Inderdaad, het is lef. Een bewuste keuze voor een bestaan aan de zelfkant van het Nederlandse medialandschap. Dat nog een landschap is dat heeft te lijden van vervuiling, van verschraling ook. Intellect, gevoel, verscheidenheid, het wordt allemaal door erosie geteisterd. En met al de verpakkingen, de merknamen, de journaals-als-een-videoclip en de papiertroep ontstaat zo een woestijn, vol van rommel en lawaai. Lawaai dat niets anders doet dan verzwijgen wat genegeerd wordt.

Toch zijn er wel degelijk mogelijkheden om nog iets te laten groeien. Tegen de verdrukking in. Aan die zelfkant, heel marginaal. En van belang.

De redactie