donderdag, 24 december 2020

De beelden die me van het jaar 2020 het meest zijn bijgebleven zijn de overzichtsfoto's van steden als Wuhan of Parijs -of welke andere grote stad dan ook- van tijdens de lockdown, gelegd naast die van dezelfde plek van voor de lockdown. De wonderbaarlijke teruggang van de luchtverontreiniging in al die megalopolen was verbijsterend om te zien. Wat een hoeveelheid shit stoten we tijdens ‘normale’ tijden uit. Ik denk dat iedereen op de hele wereld dit heeft gezien. Een zucht van verlichting is denk ik door de hele mensheid getrokken: schone lucht is toch niet alleen een fata morgana. En ik denk dat iedereen op de hele wereld niets liever wil dan in deze fata morgana leven.

De oase van schone lucht is ontstaan doordat de mensen van al die steden zich niet meer verplaatsten naar hun werk, geen vliegtuigen meer namen om op vakantie te gaan, thuis bleven en geen bioscopen meer bezochten of anderszins culturele dingen nalieten. Als dusdanig gedrag zich massaal voltrekt krijgen we dus als resultaat dat de luchtkwaliteit boven de steden enorm verbetert.

Het mooie aan deze situatie is dat dit resultaat door de hele bevolking is bewerkstelligd. Ieder mens, alle mensen bij elkaar opgeteld, mens voor mens.

In enkele van mijn vorige stukken voor Konfrontatie, en met name mijn laatste stuk (ZAD, zöne à défendre)  leg ik de nadruk op de individuele verantwoordelijkheid van mensen voor wat betreft hun bijdrage aan de verbetering van het milieu. Mijn adagio was en is: minder consumptie op alle terreinen. Mijn doelgroep betreft de hele bevolking van westerse samenlevingen, of laten we zeggen hoog-industriele samenlevingen.

In een memorabele en zéér goede reactie op mijn stuk schrijft Willem Bos dat ik de nadruk verkeerd leg. Milieuverontreiniging kan volgens hem alleen maar tegengegaan worden door een volledige verandering van de economische structuur, een afschaffing van het enkel op winst en op overconsumptie gerichte kapitalisme. De verslaving aan ‘gemak’ en ‘techniek’ zijn volgens hem niet de wortels van het kwaad, zoals ik in mijn stuk stel. Mijn stelling daar tegen is kort gezegd al een heel oude: willen we een andere samenleving, dan zullen de hoofden én (dus) lichamen voorbereid moeten zijn op die verandering. Dat is onze verantwoordelijkheid. Ieders verantwoordelijkheid.

In zijn reactie ondergraaft Bos die stelling van ‘ieders verantwoordelijkheid’ met een steeds vaker in linkse kringen gehoord (excuus-) argument. De zeer kleine groep rijken (1%, 3% ?) is volgens deze zienswijze verantwoordelijk voor een zeer groot gedeelte van de CO2 uitstoot. Waarmee gezegd zij dat, voordat we aan onszelf hoeven te beginnen eerst deze groep aangepakt en op haar ‘schuld’ gewezen moet worden. Gewone mensen immers hebben in feite geen andere keus dan de auto te nemen om naar hun werk te gaan, omdat de treinen simpelweg te duur zijn. In ‘ons’ systeem zullen we wel op ‘onze’ manier door moéten gaan omdat de organisatie van het kapitalisme en de rijken ons geen andere keus laten.

Uiteraard ben ik het met het feit en het argument dat een treinkaartje te duur is volledig eens. Maar we onderschatten onze kracht, onze ‘massaliteit’ als we onze verontwaardiging richten op die paar super-rijken met hun jets en plezierboten. Zijn we dan onze verbazing vergeten over de onvermoede hoeveelheid cruise-schepen die er bleken rond te varen tijdens de eerste ‘aanval’ van Covid19? Cruise-schepen die er zijn om je 30e trouwdag te vieren etc. Niet alleen superrijken stoten onnutte CO2 uit.

De schoonheid van de lockdown schuilt in het feit dat héle steden, van Parijs tot Wuhan, ineens immobiel waren. Miljoenen mensen verplaatsten zich niet meer en hebben het op die manier klaargespeeld dat het onvermijdelijke smog-gordijn boven hun woongebieden optrok. En die miljoenen mensen waren niet de ‘rijken’ of super-rijken. Ik durf de stelling aan dat als we de super-rijken toestemming hadden verleend om in hun auto’s te blijven rijden en hun jets te vliegen, aan het resultaat van een smog-vrije stad niets veranderd was. Want als ‘gewone’ mensen waren we met miljoenen! En juist dat aantal zet zoden aan de dijk. Dat is de kracht en de hoop.

De ironie en de paradox van deze prachtige smog-vrije steden is dat datgene wat we allemaal het allerliefste willen hebben, een schone leefomgeving, afgedwongen is geweest door een lockdown. In Frankrijk en China zelfs door een op dictatoriale leest geschoeide lockdown.

Wat betekent de pandemie voor de milieustrijd? Kunnen we van de ‘sanitaire’ crisis iets leren voor wat de ‘milieu-crisis’ betreft? Immers: vaak wordt beweerd dat de pandemie slechts een voorproefje is van wat ons nog te wachten staat op milieu-gebied. En dat geloof ik ook. Hoe moeten maatschappijen in de toekomst reageren op crisis-situaties? Moeten maatschappijen crisis-situaties voor zijn en nu al reeds al het mogelijke doen om het niet zo ver te laten komen? Dat zou je wel zeggen.

Die vragen leiden ons naar waarover ook veel gediscussieerd wordt in linkse kring: hebben we een ‘groene dictatuur’ nodig? Een 'groene‘ lockdown? Voor ieders bestwil uiteraard...

De Covid19-lockdown heeft vooral één ding aangetoond: dat mobiliteit een groot euvel is in ons tijdsgewricht. Auto’s, vliegtuigen, als we ze in de garage en de hangar laten, heeft dat positieve effecten. Maar zo zit ons tijdsgewricht dus niet in elkaar. We rijden naar ons werk, we vliegen, soms wel tig keren, naar exotische vakantie-bestemmingen etc etc. Dat is onze manier van leven, dat noemen we onze vrijheid. En in een oneindige maatschappij/wereld is het dat ook. Het allerlaatste snufje toegankelijk voor iedereen. Maar de wereld is niet oneindig. Ik ben erg voor mobiliteitsbeperkingen, maar ben ik ook voor een ‘groene dictatuur’?

Nee

Bij zo’n groene dictatuur stel ik me beperkingen voor op allerlei terreinen. Van elektra- tot watergebruik. Van afgelegde afstanden per auto tot vliegverkeer naar kortbij of veraf gelegen oorden. Want die beperkingen leiden tot het gewenste doel van minder verontreiniging. En bij beperkingen stel ik me ook ‘straffen’ voor, voor wie de beperkingen overtreedt. Een sociaal puntenstelsel zoals in China. Die dwang werkt.

Maar eerlijk, een afschrikwekkender stelsel kan ik me niet voorstellen om in te leven (om zeer veel redenen, meer dan ik hier uit de doeken kan doen) al is het voor ons aller bestwil.

Dus waar ik als alternatief voor een groene dictatuur voor zou willen pleiten is een zeker inzicht:

Omdat we hebben kunnen constateren dat het beperken van mobiliteit zeer positieve effecten heeft, dat dan ook daadwerkelijk te doen, vrijwillig en massaal. Want dat is wat we geleerd hebben van de Covid19-lockdown: dat we als bevolking massaal iets teweeg kunnen brengen. Dat we dat in onze macht hebben. Opdat de fata morgana die we tijdens de lockdowns gezien hebben uiteindelijk niet slechts een fata morgana blijkt te zijn geweest. Opdat een schone stad realiteit kan worden.

En Willem Bos: Natuurlijk moeten productie-ketens opgeschoond worden, moet reclame getemperd en moeten milieumaatregelen aangescherpt worden. Moet de economische organisatie vervangen worden. Deze structurele veranderingen zijn ongetwijfeld noodzakelijk en te bereiken via politieke druk, buitenparlementaire strijd, actie. Maar individuele actie bereidt ons voor, grijpt vooruit.

Bender

Naschrift:
Uitgangspunt voor het schrijven van dit stuk was dat ik me realiseerde dat om datgene te bereiken wat ik het liefst wil, een leefbare wereld, dat die situatie via min of meer dictatoriale regelgeving bereikt zou kunnen worden. Zoals de Covid19-lockdowns over de hele wereld bewijzen. Dat dat het is wat de pandemie ons geleerd zou hebben. Dat je dus als links iemand ironischerwijze over beperking van vrijheid moest nadenken.